Jipsingboertanger geitenmelk eindigt wereldwijd als kaas of als poeder in China

Home » Rapportages » Jipsingboertanger geitenmelk eindigt wereldwijd als kaas of als poeder in China

Door Jan Venema

JIPSINGBOERTANGE – Heinie Alting was akkerbouwer. Hij combineerde zijn boerenbestaan met een baan bij Avebe. ”En dat was twee keer niks’’, zegt Alting. ,”Bij Avebe kon ik niet meer verdienen door meer te gaan werken, die extra uren zaten er gewoon niet in. Als akkerbouwer kon ik niet meer verdienen door meer land te gaan bewerken, want dat land was er gewoon niet. Ik wilde wat anders.’’ Vader Heinie, moeder Ina en zoon Niek kozen voor de biologische geitenhouderij. Inmiddels staat er aan de Zevenmeersveenweg een geitenboerderij met zo’n 900 dieren. De producten die daaruit voortkomen gaan de hele wereld over.

Gemakkelijk was de omschakeling niet. Alting: ”Ik wilde af van het gevoel dat ik de hele dag op de trekker zat om een multinational rijker te maken zonder er zelf veel beter van te worden. We hebben gedacht aan vleeskuikens, varkens, asperges en aardbeien. Maar als je iets teelt of fokt moet je er een goed gevoel bij hebben en dat had ik bij deze dingen niet. In 2002 was er een open dag bij een geitenhouderij in Ter Apel. Daar gingen we met het hele gezin naar toe. Ik realiseerde me: melk blijft altijd. Ik bedacht dat we zeggenschap hadden over ons eigen product als we melk en geitenvlees zouden produceren. Dat we in een niche-markt zouden stappen. Geiten zouden het worden. In mei 2004 kregen we het bericht dat we melk mochten leveren aan de coöperatie. In september van dat jaar stonden de eerste schuren er. Met kerst stroomde de eerste melk in de tank.’’

Geitenstapel

Aanvankelijk had Alting een bescheiden geitenstapel van twintig dieren. Dat aantal groeide vrij snel uit tot driehonderd geiten. Nu wonen er ruim negenhonderd dieren in de ruim bemeten loopstal. Aan de buitenzijde voert een metalen trap naar een groot balkon aan de binnenkant van het gebouw. ,”Voor bezoekers die de geiten willen zien’’, zegt Alting. ,,Het is fijn als je daadwerkelijk kunt zien waar de melk vandaan komt.’’ De geiten zijn duidelijk bezoek gewend. Als je een poosje naar de dieren kijkt, ontdek je dat ze allemaal een eigen persoonlijkheid hebben. Sommige dieren kijken even op en gaan vervolgens rustig door met het verorberen van hun portie geitenbix. Anderen stoppen met eten en lopen nieuwsgierig naar het balkon om de bezoekers beter in ogenschouw te nemen.

Geduldig

Het valt op dat de dieren elkaar niet verdringen tijdens de maaltijd. De loopstal is omringd door een voergoot, zodat alle dieren tegelijk kunnen eten en dan nog ruimte over hebben. Een apparaat ter grootte  van een koelkast rijdt langzaam over de goot. ,,De voerrobot’’, legt Altink uit. ,,De machine kan voelen hoeveel voer er in de goot ligt. Op plekken waar te weinig ligt laat de robot weer een hoeveelheid achter.’’ Grappig om te zien dat een aantal geiten geduldig wacht tot de machine voor ze staat. Als het apparaat weer verder glijdt, hebben de geiten een paar handen vol verse brokjes voor hun neus. Ze worden op hun wenken bediend. Ook buiten de deur hebben de geiten ruimte. Alting: ,,Je kunt geiten niet alleen op  bix laten leven, ze moeten ook flink op de grasklaver grazen. Anders kun je niet eens spreken van biologische melk en biologisch vlees. Wij houden maximaal zeventien geiten op een hectare grasland.’’

Coöperatie

Enkele jaren geleden kwam er een probleem aan het licht. ,,Er kwam te weinig geld binnen ten opzichte van de gedane investeringen. De kosten waren te hoog’’, zegt Alting. Hij besloot met een aantal collega-geitenhouders een nieuwe coöperatie op te richten voor het afzetten van de melk en het geitenvlees. De coöperatie telt nu veertig leden, ongeveer 80 procent van het aantal geitenhouders. Alting: ,,Bij deze coöperatie blijft niets aan de strijkstok hangen. Het geld dat met de producten wordt verdient, gaat daar naar toe waar het hoort: naar de boeren.’’

Bokkenvlees

En dan is er nog ‘dat andere aspect’ van de geitenhouderij. De bokjes. Ongeveer de helft van de geiten die geboren worden, is mannelijk. De leveren economisch niet meer op dan hun gewicht in vlees. Ooit was het normaal om bokjes zeer jong te slachten of zelfs meteen na de geboorte af te maken. Het alternatief was de dieren zo snel en zo goedkoop mogelijk te mesten voor de slacht. Bij Alting doen ze daar niet aan. Alting: ,,De bokjes worden gewoon thuis afgemest. Ze hebben een redelijk goed leven, dat langer duurt dan in het verleden. Na zeven maanden zijn ze zo’n 35 kilo en worden ze geslacht. Tja, dat hoort er wel bij als je biologische geitenmelk wilt drinken. Om de productie in  stand te houden heb je jonge ooien nodig. En de helft van de jong geboren geiten is nu eenmaal mannelijk. Consumenten zouden vanuit de keten moeten denken, zich bewust moeten worden wat de productie inhoudt. Wie graag een stukje geitenkaas eet, zou ook af en toe wat bokkenvlees moeten eten.’’

Kijk voor meer informatie op www.organicgoatmilkcooperatie.nl.

Reacties zijn gesloten.